
De kathedraal van Szeged, ook bekend als de Votiefkerk, is het op drie na grootste gebouw van Hongarije en heeft de grootste orgels van Europa, uitgerust met 9.740 pijpen. Het interieur van de kerk is versierd met talrijke fresco's die heilige elementen verbinden met de Hongaarse traditie. Achter het altaar bevindt zich een fresco waarop de Madonna is afgebeeld die een Hongaarse kroon draagt, en op het fresco daarboven zien we de Maagd Maria in traditionele Hongaarse klederdracht.

De Segedin-kathedraal is gemaakt van baksteen en vertegenwoordigt de neoromaanse stijl. Hij heeft twee torens van 91 meter hoog, waartussen zich een koepel bevindt met een diameter van 54 meter. Naast de grote orgels is deze tempel ook uitgerust met vijf klokken.
De bouw van de kerk begon in 1913, maar werd onderbroken door het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog. Uiteindelijk werd de kathedraal in 1930 voltooid. Hij werd gebouwd op de plaats van de verwoeste middeleeuwse kerk van St. Dmitri. Het overblijfsel van het oorspronkelijke gebouw is de toren die voor de kathedraal staat.
