U kunt de kantelen bezoeken, het centrale plein van de vesting en de 'Reitschnecke', een wenteltrap die vroeger door paarden werd gebruikt. Ook bezienswaardig is de 'Kasematte', een ondergronds gewelf dat oorspronkelijk bedoeld was als bescherming tegen artillerievuur. De Kasematte heeft een plafond van ongeveer vier meter dik en heeft vier ronde lichtputten die een unieke sfeer creëren.De Munotgraben diende oorspronkelijk ter bescherming van de vestingwerken, maar werd nooit met water gevuld. Sinds 1905 leeft er een kolonie herten. Daarnaast is op de vesting een wijngaard met in totaal 76 soorten te vinden. Het gaat onder meer om pinot noir, tokay en pinot gris soorten.De ondergrondse gang en de kantelen zijn alleen tijdens een rondleiding te bezoeken. Na het bezoek nodigt de Munotbistro u uit om te blijven hangen bij een drankje en kleine 'Häppli', zoals olijven of brood.Tijdens de zomermaanden organiseert de in 1839 opgerichte Munotvereniging allerlei activiteiten. Zo vinden op zaterdagen in juli en augustus de populaire Munot-dansen plaats op het hoofdplein van de vesting. Wie geen ervaren danser is, kan eerst zijn techniek verbeteren met danscursussen, die ook op de Munot worden aangeboden. De vesting dient ook als bijzonder decor voor bruiloften en opera's. Producties als Puccini's 'La Bohème' worden hier opgevoerd.In de loop van de geschiedenis is het Munot slechts eenmaal militair bezet geweest. De Fransen, die de vesting in 1799 veroverden, vluchtten echter na een kort verblijf over de Rijn en staken de houten brug van Grubenmann in brand. In de 19e eeuw verloor de vesting zijn belang en werd het een steengroeve. In 1826 redde tekenleraar Johann Jakob Beck het complex van het verval en richtte in 1839 de Munotverein op, die de vesting ook nu nog onderhoudt en talrijke evenementen organiseert.