Eeuwenlang werden de Amsterdamse katholieken verboden hun geloof openlijk uit te oefenen. De belangrijkste kerken van de stad waren omgebouwd tot Protestantse huizen van aanbidding en katholieken verplaatsten hun diensten ondergronds of, in sommige gevallen, bovengronds in de zolders van gebouwen. In Amsterdam waren inderdaad veel clandestiene kerken die trouw waren aan de paus beschikbaar en de autoriteiten wisten vaak van hun bestaan, maar zoals gebruikelijk hebben de praktische Nederlanders de ogen gesloten voor 'illegale' activiteiten zolang het niet te brutaal was. Toen de katholieken eindelijk de mogelijkheid kregen om vrijelijk de verborgen kerken te aanbidden, konden zij niet langer de groeiende vraag van de gelovigen dienen en was een nieuwe Kerk nodig. Ten slotte werd in 1887 de neo-Renaissance Sint Nicolaas kerk gewijd. Het interieur is overvloedig versierd met rood en wit marmer, verguld plafonds, gebrandschilderd glas en veel heiligenbeelden.