De Berg van de Doden, of Gebel al-Mawta, ziet er van veraf geweldig uit, maar is van een afstand nog indrukwekkender. Hier hebben de Siwans meer dan 2000 jaar lang hun geliefden begraven.
De berg is echt doorgebroken, dat moet eeuwen duren, want er was geen ruimte meer voor nieuwe graven. Het onderste deel van de berg heeft ontelbare heuvels, met kleine doorgangen naar de graven.
De meeste graven behoorden toe aan families en waren gerangschikt volgens dezelfde patronen als graven in heel Egypte. De grotere hadden ceremoniële kamers, terwijl de kleinere buiten het graf werden gehouden.
De berg herbergt een paar echt grote graven, vol met muurschilderingen die even mooi zijn als de adellijke graven van Luxor of Aswan. Helaas zijn er strikte regels voor het fotograferen hier, dus het beste van het beste was voor mij en mijn camera buiten bereik.
In de loop der jaren is alles in de graven verdwenen, waardoor een kraterlandschap op een heuvel is overgebleven. Je kunt omhoog klimmen voor een fantastisch en winderig panorama over de oase. Alle schatten zijn allang verdwenen door grafrovers, hoewel een oud Siwa manuscript van een verborgen graf melding maakt van de schatkamer van koning Khuaybish, wiens doorgang door een lang vergeten graf te vinden is.
De rotsheuvel heeft de vorm van een would-be Mesa, gestapeld en gevormd met tientallen rotsstapels. De grot was in de oudheid een kleine necropolis voor het Siwa-volk, vandaar de naam
De tombe zelf bevat verschillende grafkamers, waarvan er een werd gebruikt als kattenopslag. De meest opmerkelijke ruimte is echter de centrale kamer, waar een enorme sarcofaag van enkele meters diep staat, tegenover een grote metalen poort. Voor deze sarcofaag staat een stele uit het Oude Rijk waarop een schrift uit deze periode in het Egyptisch is gegraveerd.
Een kleinere grot, gescheiden van het hoofdgraf, werd ingericht voor de begrafenis van de plaatselijke Medjay en hun familieleden. In tegenstelling tot haar grotere tegenhanger, heeft zij geen versieringen en is grotendeels vlak, met kale uitsparingen in de muren die dienen als rustplaatsen voor mummies - allen zonder sarcofaag of andere containers - vergelijkbaar met de Romeinse catacomben. De uitzondering is de grafkamer van Khemu, de zoon van Medjay Bayek, die een grote albasten kist bevat in een nis en versierd met rode handafdrukken. Aan beide zijden zijn honderden waskaarsen geplaatst op uit de muren gehouwen stenen tafels.