Als belangrijk Siciliaans, Romeins, Byzantijns en vervolgens Arabisch centrum werd het op het hoogtepunt van zijn pracht verwoest door de aardbeving van 1693, maar dankzij de vakkundige wederopbouw is Noto een prachtige kunststad geworden, die samen met Caltagirone, Militello, Catania, Modica, Palazzolo, Ragusa en Scicli tot het Unesco-erfgoed behoort.De buitengewone schoonheid van Noto, en van de andere steden die na de aardbeving zijn herbouwd, kenmerkt de hele Val di Noto.Voor de wederopbouw werd een beroep gedaan op grote architecten, bijna allemaal opgeleid in Rome, en in feite was de inspiratiebron de Romeinse barok, zij het in een nieuw jasje gestoken. Het resultaat overtrof de verwachtingen en de wederopbouw leverde verbluffend werk op, ook al verschilde het van stad tot stad: van de donkergrijze barok van Catania, waar lavasteen werd gebruikt, tot de heldere architectuur van Noto met haar honingkleurige tint.De middeleeuwse stad, waarvan sporen van de muren en het kasteel zichtbaar zijn, komt overeen met het oude Neto. De indeling van de nieuwe stad is daarentegen barok, gebaseerd op brede, rechte straten afgewisseld met pleinen met trappen waar kerken en paleizen op uitkijken.